In de zomer van 1919 was het Noorderstrand van Scheveningen niet alleen het domein van badgasten en zeelucht. Bij de artillerieschietplaats stonden twee vliegtuigen opgesteld: één voor dienst, één als reserve.
Het was het idee van Anthony Fokker, op dat moment al een van de bekendste vliegtuigbouwers ter wereld. Vlak na de Eerste Wereldoorlog zag hij een kans: waarom zouden vliegtuigen alleen militaire machines zijn? Mensen wilden de wereld zien vanuit de lucht. En Scheveningen leek hem de perfecte plek om dat te laten zien.
Vanaf juli 1919 kon je voor ongeveer 25 gulden een kwartier boven Den Haag, Scheveningen en de kust vliegen. Twee tot drie passagiers per toestel. Aan de knuppel: chefvlieger Van der Drift, een voormalig sergeant-majoor die de militaire dienst had verlaten om bij Fokkers Luchtvaartonderneming te werken. Hij bracht het eerste toestel zelf van Amsterdam naar Scheveningen, met motorrenner Meuleman als passagier.
Een vliegveld op het strand van Scheveningen
Wat Fokker opzette, was voor die tijd verrassend goed georganiseerd. Het toestel stond opgesteld op het Noorderstrand, zo’n 600 meter ten noorden van de Pier. Er was een reservetoestel achter de hand. En er was een hangar ingericht in een voormalige elektriciteitscentrale aan de Gevers Deynootweg. De kranten spraken enthousiast over “vlieggenot” en “reisjes per vliegtuig”. Voor één zomer had Scheveningen een vliegveld op het strand.
Fietsers op de startbaan
Toch verliep niet alles zonder problemen. Het publiek drong nieuwsgierig samen rond de vliegtuigen, soms gevaarlijk dichtbij de startende en landende toestellen. En op een bepaald moment moest piloot Van der Drift tijdens een landing uitwijken voor fietsers op het strand. Het toestel belandde in een waterplas en sloeg over de kop. De inzittenden kwamen er zonder ernstige verwondingen vanaf, maar het incident gaf de critici munitie.

In ingezonden krantenbrieven werd gewaarschuwd voor “lucht-auto’s” die het rustige strandleven zouden verstoren. De discussie klonk, hoe anders ook van toon, een beetje vertrouwd: een nieuw vervoermiddel dat zijn plek in de openbare ruimte moest veroveren.
De politie grijpt in op het strand in Scheveningen
De samenwerking met de autoriteiten verliep minder soepel. De politie achtte de vliegdienst op het drukke strand een gevaar voor de publieke veiligheid. Niet zozeer het vliegtuig zelf, maar het publiek dat er omheen drong en niet begreep dat nieuwsgierigheid gevaarlijk kon zijn voor zichzelf én voor de vlieger. Van der Drift kreeg het verbod om op te stijgen of te landen in Scheveningen.
Maar er was een uitweg. Ongeveer 60 meter noordelijker begon de gemeente Wassenaar. Van der Drift vloog gewoon door boven Scheveningen en Den Haag, en landde aan de Wassenaarse kant van de grens, vlak naast zijn oude standplaats.
Het begin van iets groters
De vliegdienst hield het niet lang vol. Maar wat Fokker in die zomer van 1919 liet zien, had meer betekenis dan de korte looptijd deed vermoeden. Vliegtuigen konden mensen vervoeren. Recreatief, commercieel, toegankelijk. Het experiment in Scheveningen was een van de eerste keren dat dat idee concreet werd uitgetest, voor een breed publiek, op een plek waar mensen kwamen genieten.
Wil je dit soort verhalen horen tijdens een wandeling door Den Haag of Scheveningen?
Bekijk dan ons wandelingenaanbod.
Bronnen:
Dagblad van Zuid-Holland en ’s-Gravenhage, 28-05-1919
Nieuwe Haarlemsche courant, 12-06-1919
Haagsche courant,17-06-1919
La gazette de Hollande, 18-06-1919
Nieuwe Haarlemsche courant,05-07-1919
De courant, 08-07-1919
Bekijk hier ook het filmpje op Youtube
En de podcast (gemaakt met AI)